De bijzondere kwaliteit van aandacht

“Tend to your vital heart, and all that you worry about will be solved.”

Rumi

Jantje is heerlijk buiten aan het spelen met zijn vriendjes. Dan struikelt ie over een stoepsteen en valt op z’n knie. Auw! Pijn. Bloed. Jantje begint te huilen. Moeder ziet ‘t. Ze gaat snel naar het hem toe en neemt ‘m op schoot om hem te troosten. Ze ‘ondertitelt’ wat er is gebeurd:

‘Je bent gevallen en nu heb je pijn aan je knie’. Ze kijken er samen naar. Jantje voelt zich gedragen door de aanwezigheid van die vertrouwde, liefdevolle volwassene. Al snel houdt hij op met huilen. Moeder plakt er een mooie pleister op. Even later is de pijn over en kan het kind verder gaan met spelen.

Wat kunnen we van dit simpele, natuurlijke voorbeeld leren?

In het leven kunnen we tegenvallers niet vermijden. Het leven kent zijn mindere momenten, voor iedereen, van alle leeftijden.

We ervaren bij die mindere momenten vaak pijnlijke sensaties en/of emoties in ons lichaam.

Het helpt als er (liefst een vertrouwd) iemand aanwezig is die ons helpt om de sensaties en emoties te bevatten, er bij stil te blijven staan en te ventileren.

Als we de ruimte nemen om de sensaties en/of emoties te ervaren, kunnen ze ook (soms zelfs betrekkelijk snel) weer overgaan.

Nu zal iedereen het vrij gemakkelijk vinden om een kind op te vangen en te helpen bij het verdragen van de pijn en het doorlopen van (diverse) emotie(s). Maar hoe zit dat bij volwassenen?

Voor volwassenen is het helaas een stuk minder vanzelfsprekend om hun gevoelens en sensaties de nodige aandacht te geven. Volwassenen denken, gek genoeg, maar al te vaak dat ze hun emoties moeten inhouden.

Een man mag niet huilen en big girls don’ t cry. Je zo laten gaan is toch niet oké? Als het toch gebeurt, dan zeggen we ‘sorry’ en verbergen ons gezicht alsof er iets zou zijn waar we ons voor zouden moeten schamen. We vragen ons af wat anderen zullen denken nu we in tranen zijn.

Sommigen hebben besloten dat ze maar beter geen aandacht kunnen geven aan lichamelijke sensaties die echt aandacht vragen. Te lastig. Want je moet toch door, ook al zegt je lichaam wat anders. Anderen vinden het kinderachtig om zich te laten troosten door een vertrouwde ander, omdat ze niet afhankelijk van die ander willen zijn.

Ik heb ontdekt dat er heel veel mensen zijn die denken dat de gevoelens die zij ervaren ongepast, niet goed of zelfs abnormaal zijn. En dat ze ze dus niet zouden mogen hebben. Onzin als je het mij vraagt.

Een belangrijk deel van mijn werk bestaat uit het normaliseren van menselijke gevoelens. Omdat ik ruim 17 jaar in het vak zit heb ik het voorrecht gehad veel mensen persoonlijk te leren kennen. Ik weet daarom dat er vrijwel geen ‘abnormale’ menselijke gevoelens zijn. Mensen denken vaak dat ze de enige zijn. Maar dat is alleen omdat ze niet kunnen ontdekken dat het tegendeel waar is. Ze zullen hun gevoelens niet zomaar met anderen delen. Als ze dat wel zouden doen, dan zouden ze er achter komen dat anderen die gevoelens herkennen.

Als mensen meer open zouden zijn over hun innerlijk, dan zouden ze ontdekken dat mensen veel meer op elkaar lijken dan dat ze verschillend zijn. Bottom line: wees (veel) milder ten opzichte van jezelf, je gevoelens en je gedachten. Wat je ook voelt, wat je ook denkt, je bent echt niet de enige. Geloof me. Het is oké.

Dat mensen hun eigen ervaring diskwalificeren, ontkennen en vermijden is een groot probleem. Dat heet, met een duur woord, experientiele vermijding.

Vermijding lijkt op korte termijn iets op te leveren, maar op de langere termijn werkt het niet voor je. Als je wegloopt voor je eigen innerlijke ervaring, dan kun je vervelende dingen niet goed verwerken. De lading blijft in je lichaam zitten. Als je dat vaak genoeg doet kun je er zelfs lichamelijk ziek van worden.

Het is dus belangrijk om te oefenen met het tegenovergestelde van vermijding: met aandacht bij je gevoelens en sensaties blijven en ze er laten zijn, ook al voelt het vervelend. Dat is de oplossing.

Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, klopt. In het oefenproces dat je de afgelopen weken hebt gevolgd zul je dat ongetwijfdeld gemerkt hebben.

Toch ga ik je zo meteen vragen de proef op de som te nemen. Want ook hier geldt weer: je kunt pas weten dat mijn uitleg klopt als je het zelf hebt uitgeprobeerd.

Voordat je begint wil ik je nog even een paar dingen uitleggen, zodat je helemaal gerustgesteld kunt zijn. Wat je moet weten is dat het verwerken van innerlijke ballast eigenlijk een heel lichamelijke aangelegenheid is.

Ooit hoorde ik Eckhardt Tolle in een interview vertellen over twee eenden die met elkaar in gevecht waren geraakt. Hij zag hoe de eenden, na de clash, uit elkaar gingen om even verderop een paar keer flink met hun vleugels te flapperen. Daarmee leken ze de ‘lading’ van het gevecht van zich af te schudden. Zal zo’n beest een uurtje later, als hij de ‘vijand’ weer tegenkomt, denken: Oh, daar heb je die gozer weer, van die vechtpartij. Laat ik maar goed uitkijken, misschien haalt ie straks weer uit. Nee toch? Door het ‘afschudden’ van oude lading, is de eend vrij van oud zeer. Er is geen residu achter gebleven in het lichaam. De onderlinge relaties zijn neutraal.

Je ziet het ook bij andere dieren. Impala’s bijvoorbeeld. Peter Levine heeft heel veel over deze materie geschreven.

Als een impala wordt aangevallen door een leeuw, zal het vluchtdier op de loop gaan (flight). Vechten (fight) is immers geen optie. Als het gepakt wordt gaat het al snel in een soort bevriezingstoestand. In vaktermen heet dat een freeze. Dat heeft de natuur zo geregeld, om de dood minder pijnlijk te maken. Meestal is het dan einde verhaal, maar soms overleeft het prooidier toch. Katten spelen met hun vangst, of raken afgeleid… Als de impala toch nog levend wakker wordt na zijn bevriezingstoestand, dan begint hij flink te trillen. Het ziet er uit alsof het dier de beweging, die het had willen maken bij het vluchten, maar die stagneerde omdat het ten val kwam, alsnog af maakt. Alsof het de lading van alle stress, schrik en paniek eruit schudt. Dat duurt een poosje. En dan staat de impala op en gaat verder met haar leven alsof er niets gebeurd is. Het beest is hooguit lichamelijk gewond, maar niet psychisch getraumatiseerd.

Zo werkt de natuur. Zo werkt het bij dieren en dus ook bij de mens.

Nou ja, idealiter dan, want er is een voorbehoud. De mens heeft namelijk een flink nadeel. Hij beschikt over een relatief groot brein. Dat gooit vaak genoeg roet in het eten.

Een voorbeeld. Iemand heeft iets meegemaakt waarvan hij erg geschrokken is. Bijvoorbeeld een auto-ongeval. Het lichaam kan dan onmiddellijk, of na korte tijd, heftig beginnen te trillen. Sommige mensen denken dan ‘dit is niet gepast, dit moet stoppen’ en ‘wat zullen anderen wel niet van me denken dat ik hier zo sta te shaken’ . Ze proberen hun lichaam te laten doen wat ze denken dat gepast is en blokkeren zo, zonder het te weten, de natuurlijke manier om lading via het lichaam af te voeren. Velen willen ook niet huilen en denken ‘sterk’ te moeten blijven. Dat is een gemiste kans.

In plaats daarvan kunnen we het beste het lichaam het werk laten doen. Het weet  van nature wat het moet doen. Laat het lichaam gerust zijn gang gaan.

Wel eens gemerkt dat een huilbui enorm oplucht? Dat heeft hiermee te maken. Via tranen kunnen we ontladen. Het traanvocht brengt letterlijk afvalstoffen naar buiten.

Wel eens gemerkt dat je beter kan ontspannen door het nemen van een diepe zucht? Of nog beter, een páár diepe zuchten? Hetzelfde verhaal.

Zo heeft de mens een heel scala aan natuurlijk gedrag dat het lichaam instinctief gebruikt om lading af te voeren:

  • huilen
  • zuchten
  • het warm krijgen en/of zweten
  • trillen
  • gapen
  • slikken
  • boeren en het vrijlaten van lucht aan de andere kant 😉
  • specifieke bewegingen maken
  • naar de WC gaan

Dit is belangrijk om te weten. Nu je op de hoogte bent kun je ervoor kiezen om de natuurlijke ontlading van het lichaam gewoon te laten gebeuren! Vertrouw gerust op de wijsheid van het lichaam.

In je ervaring komt er van alles voorbij. Gedachten, gevoelens, sensaties, noem maar op. De juiste houding hierbij kun je vergelijken met een treinreis. Je zit voor het raam en ziet steden, stukjes platteland of industrieterrein. Je hoeft er niets mee. Je besteedt er even aandacht aan, en dan is het alweer voorbij. Het volgende dient zich al weer aan. Sommige stukjes scenery zijn misschien niet zo mooi. Dat kan. Je zit erbij en je kijkt er naar. Soms komen soortgelijke zaken meerdere keren terug tijdens je reis….en dan zijn ze weer voorbij. Tot je op je bestemming aankomt.

Ik zou je willen vragen om met die houding, de houding van ‘laat het maar gebeuren, laat me het maar ervaren’, de volgende oefening in te gaan.

Klaar om de proef op de som te nemen? Voelt het een beetje spannend? Dat is heel gewoon. Zie het als een klein experiment. Van elk experiment kun je leren. Kies je er niet voor, dan is dat ook prima. Je mag het zelf bepalen of, en op welk moment, je aan je innerlijke ballast wil werken.

Neem dan nu het onderwerp dat je eerder hebt genoteerd, een week of 3-4 geleden, weer opnieuw in gedachten. Als je met je aandacht naar binnen gaat en je beginbeeld weer erbij neemt, ga dan eens na: wat voel je precies in je lichaam?

En hoe vervelend voelt het, op een schaal van 0 tot 10? 0 is totaal niet vervelend (neutraal) en 10 is het meest vervelend wat je kan hebben) Noteer dat even voor jezelf.

Doe nu met dit onderwerp de aandachtsoefening met een probleem.

 

Twintig 20 minuten er op zitten? Heel goed! Viel het mee? Ga nu nog eens naar binnen en ga eens na hoe het onderwerp waar je net mee gezeten hebt, nu voor je voelt. En scoor weer voor jezelf tussen 0 en 10.

Welk verschil merk je op? Ik ben erg benieuwd en zou het leuk vinden om van je te horen. Dat kan altijd, zoals je weet, via Renate@commucare.nl of 033-4890847.

Mocht je nog niet klaar zijn met je onderwerp, (dat is waarschijnlijk), dan kun je vanzelfsprekend nog vaker zitten met ditzelfde onderwerp. Doe gewoon telkens een stukje. Je zult versteld staan hoe de innerlijke ervaring zichzelf kan transformeren als je jezelf de kans geeft er met volle aandacht bij te blijven. Door alle aspecten van je ervaring de ruimte te geven, ontwikkel je jezelf binnen dit onderwerp of vraagstuk. Van nature maak je contact met je innerlijke weten en wijsheid. En je raakt steeds een stuk van de lading kwijt. Altijd mooi meegenomen!

Scroll naar top